
De kinderen speelden in de speeltuin en alles ging naar tevredenheid tot één
van de kinderen viel en verkeerd terecht kwam. Het begon te huilen en de anderen
kinderen stopten en keken naar het huilende kind. Ze wisten niet wat ze moesten
doen en wachtte af tot één van de begeleiders eindelijk bij het kind aangekomen
was en het oppakte. Het kind schreeuwde het uit. De begeleider schroefde zijn
greep nog wat vaster en nam het kind mee. Bor, die het zag, volgde de begeleider
nieuwsgierig.
"Blijf hier," klonk het metalen geluid van de begeleider naar Bor terwijl de
begeleider de deur in ging. Bor bleef staan. Door de deur zag hij een kamer met
allerlei instrumenten. Die maakten je beter wist Bor want het was niet de eerste
keer dat een kind zich verwondde. Bor wilde naar binnen, kijken, onderzoeken, de
begeleiders zouden het nooit toestaan. Stiekem keek hij om zich heen en toen hij
een raam zag boven zich was zijn beslissing snel genomen. Bor klom in een boom
en keek naar binnen. De ziekenkamer was nauwelijks te zien maar de gangen wel.
Het complex was groter dan Bor had gedacht. In zijn perplexheid bleef hij te
lang in de boom en een andere begeleider die hem zag, schreeuwde hem naar
beneden.
