Ontmoetingen

Het meisje realiseerde zich met een schok dat zij alleen was. Verrast keek ze de lange gang van het ziekenhuis af om te constateren dat het een feit was. Ze was alleen en dat was niet goed, hoewel ze wel wist waarom ze alleen was. Haar grootouders waren door de dokter weggeroepen om te horen hoe het met haar ouders ging en zij mocht niet mee. Ze wist dat het geen goed teken was. Grootouders laten je alleen maar alleen als het absoluut niet anders kan. Als ze bijvoorbeeld slecht nieuws moesten aanhoren. Het zette haar aan het denken want ze wist dat niet alles meer bij het oude zou blijven. Het was Oma die na een aantal minuten op haar af liep en ook dat was te verwachten. Opa kon zulke dingen niet vertellen, al had ze diep in haar hart gehoopt dat het Opa zou zijn die het deed maar sommige dingen bleven nu eenmaal wel hetzelfde. Ze wist ook wat Oma zou zeggen en ze was haar voor: "Ze zijn dood, hé, mijn ouders zijn dood!"
Oma knikte. Ze dacht dat ze tranen zag en misschien was dat ook wel zo.
"Wat gaat er nu gebeuren," vroeg ze benepen omdat dat belangrijk was. Voor haar. Ook al waren haar ouders dood en had ze veel verdriet, wilde ze toch weten wat er met haar ging gebeuren. Omdat het leven door ging. Omdat de tijd voor verdriet nog niet gekomen was. Ze moest eerst nog iets regelen.