Jessica

Ze bleef staan op de plek die haar zo bekend voor kwam. Ze had hier reeds eerder gestaan. Het betekende iets maar Jesse had geen idee wat die betekenis dan was. Ze had hier reeds eerder gestaan. Dat was het. Veel meer kon ze er niet van maken. Ze keek om zich heen en luisterde. Teveel geluiden bereikten haar en ze kon er niet echt wijs uit worden maar in haar leefde de overtuiging dat haar vader haar niet gevolgd was. Hij durfde niet. Dan waar was hij bang voor en als hij dan zo bang was, kon dat gevaar haar dan ook bedreigen? Ze vreesde met grote vrees en angst deed haar nog een keer rondkijken. Bewust nu van het feit dat ze alleen in het bos was. Ze draaide rond en rond en hoorde nog steeds niets en van alles en nog wat maar de geluiden kwamen haar zo bekend voor. Ik heb het meer gehoord maar waar? Geluiden brachten ook beelden en in het duister bewogen zich schaduwen. Ze keek verschrikt om zich heen. Was er een uitweg maar voor deze keer leek het erop dat de schaduwen haar omsingeld hadden en een einde wilde forceren en de vraag was wiens einde? Ze wist het niet. Angst belette haar na te denken. Om het door te denken. Om helderheid te scheppen. Ze voelde slecht de angst en de onzekerheid en was zich slecht bewust van het feit dat de schaduwen haar omringde.