Thomas keek voor wellicht de honderste keer uit het raam maar zag nog steeds niets op het binnenveld. Hij hoopte ook vurig dat hij niets zou zien maar vreestte het ergste. Waarom zou hij anders kijken? Hij had ze immers eerder gezien. Hij wist dat ze er waren. Op zoek naar een slachtoffer. Maar waarom juist hier? Hij wist het niet maar hij kon het niet meer los laten. HIj moest zeker weten of hij ze had gezien. Of niet. Dus tuurde hij uit het raam en keek naar het pleintje achter zijn huis terwijl zijn ouders aan het slapen waren. Het is maar goed dat ze niet weten dat ik nog wakker ben., dacht hij beschroomd terwijl zijn ogen rusteloos over het pleintje gingen tot hij eindelijk zag wat hij gevreesd had te zien. Maar het was zo volkomen anders dan hij had verwacht dat het even duurde voor hij zelf accepteerde dat hij gezien had wat hij vreesde te zien.
