Hugo en Bono
Bono wordt huilend wakker. Mama heeft Bono naar bed gebracht en nu wil Bono dat mama hem uit bed haalt. Maar mama is weg. Naar carnaval. In Breda. Bono dacht wel dat ze weg ging. Daarom wordt Bono al na een half uurtje huilend wakker. Waar is mama nou?
Papa haalt Bono uit bed. Bono wil papa niet, Bono wil mama. Daarom huilt Bono door. Papa doet Bono een schone luier. Dan neemt papa Bono mee naar beneden. Bono kijkt door de kier van de kamerdeur. Maar Bono ziet mama niet zitten. Papa gaat op de bank zitten en zet de teletubbies aan. Op de televisie. Bono vindt de teletubbies leuk. Als mama er is. Als mama er niet is, zijn de teletubbies veel minder leuk. Dan valt Bono nog iets op. Waar is Hugo? Slaapt Hugo nog?
Wakker, zegt Bono tegen vader.
Nee, zegt papa, Hugo is met mama mee naar carnaval. We zijn alleen thuis. Papa knuffelt Bono.
Bono begrijpt vader niet. Bono glijdt van vaders schoot af en loopt naar de trap. Voor het traphekje houdt Bono stil. Hij kijkt naar vader. Wijst dan naar boven. Zegt tegen papa: Wakker?
Papa staat op. Hij loopt naar Bono. Hij kijkt naar Bono. Hij probeert het nog een keer uit te leggen. Hugo is met mama mee, jongen, hij slaapt niet, echt niet, we zijn met z'n tweeën thuis.
Bono gelooft het niet. Bono wil naar boven. Vader haalt zijn schouders op en doet het traphekje open. Bono kruipt naar boven. Op de voet gevolgd door vader.
Aan de brede kant, waarschuwt vader.
Bono schuift op naar de brede kant van de trap. Zonder tegenstribbelen. Bono heeft haast. Bono wil met Hugo spelen. Het is zo stil in huis dat Hugo wel moet slapen. Snel kruipt Bono naar boven en rent dat de slaapkamer van Hugo binnen. Er is niemand.
Hu, uit Bono zijn verwondering. Bono draait zich om. Kijkt in de douchehok. Nee, daar is Hugo ook niet. Dan maar naar de zolder. Hij wijst en vader doet trouw het traphekje weer open. Samen gaan ze naar de zolder. Daar is Hugo ook niet. Bono kijkt vader aan.
We zijn echt alleen thuis, jongen.
En dan gelooft Bono het. Hij rent naar vader. Voor een knuffel. Vader tilt Bono op en geeft Bono een knuffel. Dan draagt vader Bono naar beneden. Ze drinken wat. Vader koffie en Bono chocolademelk. En dan gaan ze spelen. Zonder mama. En zonder Hugo. Want die zijn naar carnaval.