Sprookjes

Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

Het meisje keek naar haar oma en zag dat het niet goed was. Oma kon slechts moeizaam praten en lag nu al een hele tijd in het ziekenhuis. Ze wilde dat oma beter werd maar ze begreep ook wel dat het waarschijnlijk niet meer zou gebeuren.
"Hoe is het met mijn kleine meid," vroeg oma omdat ze wel zag dat de kleine er moeite mee had.
"Goed, oma, ik heb een bloem voor u meegenomen."
"Zet hem maar op het nachtkastje," zei de zuster, "dan kan je oma het zien."
Oma kon de bloem niet meer zelf aanpakken en dat lukte een week geleden nog wel. Het meisje sloeg het op in haar geheugen en dacht er het hare van.
"Oma wordt misschien niet meer beter," zei vader tegen haar. De kleine meid knikte, ja, dat had ze wel begrepen. "Misschien redt het ze ook niet tot kerstmis, misschien moeten we kerstmis dit jaar zonder oma vieren."
De kleine meid zag dat vader er moeite mee had en dat vertelde haar meer dan zijn woorden dat het ernst was. Ze sloeg haar armen om haar vader heen en huilde een beetje. Niet veel want zolang er leven is, is er hoop, had oma altijd gezegd en de kleine meid geloofde daarin. Die middag brachten ze opnieuw een bezoek aan oma maar die lag stil op bed en zei niet meer zoveel. Op het einde drukte ze nog wel de hand van de kleine meid alsof ze nog snel afscheid nam. Dit keer huilde ze langer en dieper en oma hoorde het en gebaarde naar vader dat hij de kleine meid naast haar op bed moest zetten.